Kleuters

Hoogbegaafdheid bij kleuters

Hoe herken en erken je een kleuter met ontwikkelingsvoorsprong en wanneer heb je te maken met een hoogbegaafd kind.
In de kleuterperiode is een hoogbegaafd kind erg leergierig, heeft het een brede belangstelling en een goed geheugen. Een kleuter kan bijvoorbeeld een puzzel van 100 stukjes in een half uurtje maken. Idema: ‘Er bestaan natuurlijk nog veel meer kenmerken waarmee je hoogbegaafdheid bij een jong kind kunt herkennen. Dat maakt het ook zo lastig. Het ene hoogbegaafde kind loopt voor op taalgebied, terwijl de ander motorisch al heel vaardig is. Er bestaat al een test op hoogbegaafdheid voor kinderen vanaf 2,5 die een goede indicatie geeft van het ontwikkelingsniveau van het kind op dat moment. Omdat jonge kinderen steeds in ontwikkeling zijn, kan er in een korte tijd veel veranderen. Vanaf de kleutertijd of vanaf het moment dat je kind naar de basisschool gaat, wordt het belangrijk om hoogbegaafdheid bij je kind te herkennen en te erkennen. Dan gaat de ontwikkelingsvoorsprong zijn parten spelen. Een kind gaat zich vergelijken met leeftijdsgenoten. En de lesstof sluit niet aan op het niveau van het kind. Dit kan tot problemen leiden.’

Gedragskenmerken bij hoogbegaafde kleuters

Hoogbegaafde kleuters

  • kletsen vaak veel of zijn juist stil en teruggetrokken.
  • doen dingen vlot voor hun leeftijd.
  • doen dingen langzaam voor hun leeftijd maar dan wel gelijk helemaal goed.
  • zijn vaak sterk voor hun leeftijd, ze hebben veel kracht.
  • hebben een tomeloze energie, wat uitputtend is voor de volwassenen om hen heen.
  • zijn zeer gevoelig.
  • ontwikkelen zich vaak ongelijk. Bijvoorbeeld ze kunnen al zeer goed lezen en schrijven maar de motorische ontwikkeling loopt hierop achter.
  • doorzien vaak emotionele zaken vanuit hun ratio maar zijn nog niet in staat zelf de emotie te voelen.
  • zijn gevoelig voor mooie dingen.
  • zijn in staat zaken al heel gedetailleerd te zien en te beschrijven. Ze kunnen zeer goed observeren.
  • spelen vaak spellen die geclassificeerd zijn voor een oudere leeftijdscategorie.
  • hebben nog geen besef van de impact die hun begaafdheid heeft op volwassen mensen.
  • merken dat ze anders behandeld en gezien worden dan andere kinderen om zich heen en gaan zich proberen aan te passen.
  • houden van het verzamelen van dingen.
  • weten vaak erg veel over een bepaald onderwerp.
  • kunnen daarentegen ook wat minder weten over heel veel dingen.
  • kunnen eindeloos vragen stellen over alles wat er om hen heen gebeurd.
  • zijn nieuwsgierig.
  • hebben voeding voor hun hersenen nodig, ze willen veel praten, veel weten en veel onthouden. Ze lijken wel sponzen.
  • leren vlot en zonder veel problemen.
  • hebben een grotere kans op dyslectische klachten dan gemiddeld.
  • houden van lezen en lezen vaak een hoger niveau dan hun leeftijdsgenoten.
  • kunnen problemen oplossen die boven het niveau van hun leeftijdsgenootjes liggen.
  • hebben een groot concentratievermogen gedurende lange tijd.
  • vervelen zich vaak bij herhaling van stof omdat ze de essentie allang begrepen hebben.
  • voelen zich anders dan anderen, vaak eenzaam.
  • kunnen zich al op jonge leeftijd afvragen waarom ze op deze wereld zijn.
  • kunnen ook al op jonge leeftijd aangeven dat ze het leven helemaal niet leuk vinden en soms ook dood willen.
  • vinden kiezen moeilijk.
  • hebben hulp nodig bij het stellen van prioriteiten.
  • hebben vriendschappen met kinderen die ouder of jonger zijn dan henzelf, bij gebrek aan ontwikkelingsgelijken van hun eigen leeftijd.
  • hebben moeite met het accepteren van autoriteit.
  • hebben hulp nodig met het stellen van doelen.
  • hebben een apart soort humor.
  • kunnen dominant en bazig zijn.
  • zijn vaak erg perfectionistisch.
  • stellen hoge eisen aan zichzelf en kunnen daar vaak moeilijk aan voldoen waardoor een negatief zelfbeeld ontstaat.
  • zijn vaak ongeduldig ten opzichte van anderen met minder capaciteiten.
  • hebben vaak een groot talent op het gebied van muziek, tekenen, schilderen, schrijven, dans of drama.
  • zijn vaak erg intuïtief.
  • hebben vaak originele ideeën en spelen met de diverse mogelijkheden.
  • hebben een levendige fantasie en dagdromen.
  • kunnen goed improviseren.

Wat kunt u als ouder en leerkracht voor het kind doen :

  • Verdiep uzelf in het begrip hoogbegaafdheid en vraag uw naasten en eventuele leerkrachten dit ook te doen
  • Overhandig eventueel zelf informatie aan directe betrokkenen
  • Leg uw kind uit wat er met hem of haar aan de hand is
  • Spreek het kind aan op het eigen niveau
  • Ga op zoek naar ontwikkelingsgelijken (peers)
  • Maak duidelijke afspraken met school (leerkrachten, Ib-er, directie en of overige begeleiders)
  • Vraag school of er handelingsprotocollen hoogbegaafdheid zijn en vraag deze ter inzage
  • Laat het kind door school doortoetsen en maak eventueel afspraken over compacten en verrijken
  • Ga indien nodig op zoek naar externe hulp om de juiste begeleiding voor het kind te te krijgen en de school te (laten) ondersteunen in het bieden van het juiste plan van aanpak.
  • Evalueer tijdig of de geboden hulp resultaat biedt en pas eventueel tijdig plannen van aanpak aan. (hoogbegaafde kinderen maken vaak onverwacht grote sprongen in hun ontwikkeling)